Bij elke grensovergang met Rusland is er bij de reiziger toch altijd een zekere onrust. Maar aan de grens van Rusland en Mongolië is dat voor niks nodig. We worden vriendelijk en in het Engels te woord gestaan door de immigratiepolitie en door de douane. Onze bagage openen is niet nodig. “Heb je wapens bij”, vraagt de douanier. “Drugs?”
“Alleen een fles wodka”, zeg ik. Hij lacht en zegt dat ik door mag. We geven elkaar de hand, waarbij de douanebeambte snel zijn handschoen uittrekt. Man van de wereld.
Daarna is het niet minder dan 22 km rijden door het niemandsland tussen Rusland en Mongolië. Ook aan de Mongoolse grens zijn we er op een dik uur vanaf, inclusief het invullen en afstempelen van het invoerdocument voor onze motoren.
We zijn er nog niet
Twintig meter over de grens staat een bord: ‘Welcome to Mongolia. Wishing you a save journey.’
“Verrek”, denk ik, “hier hebben we nu 17.500 km voor gereden. We zijn in het land waar we drie en een halve maand geleden naartoe wilden.” Het doet me niet speciaal iets, want een kleine 2.000 km scheiden ons nog van Ulaanbaatar, de Mongoolse hoofdstad. Pas aan de streep geven ze de prijzen, zo leerde ik altijd.
Ons eerste reisdoel in Mongolië is Ölgi, een stadje aan de rand van het woeste Altaigebergte, dat hier de grens met China en Rusland vormt.
Van zodra we in de open vlakte komen na de afdaling van het hoogland waarop de grenspassage ligt, beukt de wind ons bijna omver. De temperatuur lag vanochtend amper boven het vriespunt en de omstandigheden hier in dit desolate Mongoolse grensland herinneren ons eraan dat we nog niet op onze eindbestemming zijn.
In Ölgi is een hotel zo gevonden. Frank zoekt de hotels bij het binnenrijden van een of ander oord altijd op Google Maps. Dat kan hij, want hij koopt bij elke grensovergang een sim-kaart van het land waar hij binnen rijdt. Dat maakt het navigeren veel makkelijker.
Wanneer we in Hotel Sky Owl onze bagage van de motor halen, komt de hoteleigenaar ons groeten. “Ah”, zegt hij, “jullie zijn van België?” Daar ben ik al geweest. Om te oefenen op de flight simulator.”
Het blijkt dat hij de captain is van een Boeing 747 van de Mongoolse luchtvaartmaatschappij. “Binnen drie maanden krijgt mijn maatschappij nieuwe Dreamliners van Boeiing.”
Kazachen
Het hotel zelf wordt gerund door drie Kazachse vrouwen. Want u moet weten, we mogen dan wel in Mongolië zijn, de Altai is nog altijd het land van de Kazachen.
Dat komt zo: de eerste Kazachen migreerden naar deze kant van het Altaigebergte in 1840, om er hun paarden en schapen in de zomer te laten grazen. In de winter gingen ze dan terug naar Kazachstan of naar de Chinese provincie Xinjiang. Maar toen in 1921, na de Mongoolse revolutie, plots een staatsgrens werd getrokken na onderhandelingen tussen China, de USSR en Mongolië, kwamen een groot deel van de als nomaden levende Kazachen opeens tot de vaststelling dat ze in Mongolië leefden. In elk geval: vraag in Kazachstan zelf waar je nog de echte Kazachse cultuur kan ervaren, en men zal daar naar West-Mongolië verwijzen, waar – dankzij de isolatie van deze regio – de traditionele taal, cultuur en sporten van de Kazachen tot op vandaag het best overleven.
Op zoek naar arendjagers
De vrouwen in ons hotel in Ölgi kirren en begroeten ons hartelijk. Ze spreken geen woord Engels, maar toch is alles zo geregeld. Ik weet nu al: dat wordt hier lollig in Mongolië.
De dag daarop maak ik in een koffiebarretje een afspraak met Bugibai Bekbolat, alias Bek, de eigenaar van reisbureau Altai Expeditions. Bek regelt in een wip en een flik een 4×4-terreinwagen voor ons, plus een chauffeur, Cada. We zullen onderweg eerst bij een paar Kazachse arendjagers logeren. Want jagen met een arend op vossen is dé specialiteit van de Kazachen hier.
De volgende dag brengen we dan ook door met inkopen doen: eten voor een vijfdaagse in de bergen.
Onze motoren laten we achter bij het hotel. Mocht het weer slecht zijn bij de woonplaats van de arendjagers en verderop, in het fabelachtige nationale park van Tavan Bogd, dan moeten we tenminste geen vijf dagen naar omhoog en weer naar beneden ploegen in regen en sneeuw. Ja, sneeuw, want de winter nadert. Als ik over mijn schouder kijk zie ik hem al: ‘s ochtends ligt er verse sneeuw op de bergen rond Ölgi. In het Tavan Bogdpark moeten we naar een basiskamp van een berg waarvan de top op 4.000 m ligt, dus daar kan het zeker prijs zijn.
Een dag later zijn we al onderweg met een terreinwagen en met onze chauffeur. Cada bespaart ons een zoektocht van dagen naar waar de families leven die arenden houden om ermee te jagen. “Mijn broer jaagt met een arend”, zegt hij. “We zullen hem eens gaan bezoeken.”
Ik ben zelf een fervent moto-avonturier en zit momenteel al meer dan een jaartje in de broesse in Afrika.
Ik heb hier uw eerdere reisboeken met veel plezier uitgelezen wanneer er weer eens geen elektriek was ’s avonds en had vorige week gehoord, van een vriend van het West-Vlaamse thuisfront, dat jullie momenteel op reis waren met de motor naar Mongolië (een dergelijke trip die gepland staat voor volgend jaar) en er ook nog een blog over schreven.
Ewel, ik heb dit hier quasi in één ruk uitgelezen: weer supertof om te lezen.
Bedankt om ons te laten meegenieten en voor de veel goeie info, en veel succes verder.
Groeten,
Sven
Als orgelpunt op jouw meer dan uitgebreide reiscarrière kan deze haast heroïsche moto-reis tellen, beste Struik, alias de “dienaar” van alle lezers die, net zoals ikzelf, gedurende meerdere decennia lang, bijna dagelijks met ongeduld hebben uitgekeken naar het volgende “schrijfsel” van uw zo avontuurlijke en steeds zo aangenaam om lezen reisverslaggeving.
En met de keuze van een solide, bijzonder praktijkgerichte en multifunctioneel probleemoplossende metgezel als Frank Peeters, kon je tijdens deze reis zonder de minste twijfel geen betere reiskompaan treffen als Frank!
Veilige aankomst gewenst in de hoofdstad aldaar, en ik ben al een beetje ongeduldig om als filmproducent Frank bij te kunnen en mogen staan in de montage van het ongetwijfeld uitgebreide beeldmateriaal van jullie wedervaren, mocht daar behoefte aan zijn.
Tot in Hertals, Helden …
Karl
So far, so good!
Ook deze grensovergang vlekkeloos gepasseerd! Jullie benaderen de mensen vriendelijk … Die vriendelijkheid komt dan ook terug (meestal toch 😋).
Bijna de eindbestemming bereikt, enfin die resterende kilometers “brommelen” jullie er ook nog door … Maar eerst nog even een zo lang verwacht stukje weidse natuur veroveren.
Ik wens jullie van harte goeie weersomstandigheden tijdens de trip naar de ruiters met hun majestueuze arenden. Het wordt beslist een onvergetelijk trip! Frank … hou je foto- en videogerief in aanslag. 😃
Tot de volgende dan maar … 🌼🌼
Nog even meegeven: hoe rustig het binnenland van Mongolie is, hoe drukker het verkeer in Ulaanbatar is. Heel de dag door is het er file. Voor voetgangers is het er levensgevaarlijk. Een aanrader om te overnachten is het Eagle town hotel. Dit hotel ligt vlak naast het immigration office van Ulaanbatar en naast het oude vliegveld. Voor 50 euro huur je daar een hotelkamer met een grote living en open keuken, twee grote slaapkamers en badkamer, netjes verzorgd. Om je innerlijke mens te versterken moet je wel het hotel verlaten en zelf op zoek gaan naar eetgelegenheden. wat op zich geen probleem is: keuze genoeg. Vlakbij is er een klein gezellige snackbar.
Één ongelooflijke chapeau voor de dienaar van de dienaar zelle: een paar maand voor aanvang van de reis een moto aanschaffen en dan zo’n uitdagende rit aanvangen. Ik vrees nog voor ernstige afkickverschijnselen ten huize trapper. Goele zal hem aan de ketting moeten leggen. 😅
Dank voor je medeleven, Witte
Moesten jullie via Karakorum naar Ulaanbatar rijden, is het Kharkorin Hostel en restaurant een aanrader. De uitbater zou een Mongoolse persfotograaf zijn die voor een magazine in Duitsland heeft gewerkt. Eerst woonde hij in Ulaanbatar maar dat was hem te druk. Tijdens de coronaperiode is hij verhuisd naar Karakorum om daar dit restaurant-hostel te beginnen in een voormalige sterke drank stokerij. Van de voormalige kantoorruimte heeft hij een mooi hostel gemaakt (naar westerse normen). Het eten is er ook voortreffelijk. Zeer vriendelijke man waarmee we een gezellige avond mee hebben doorgebracht.