We rijden naar Kezenoi Am. Am betekent meer. Het is een bergmeer, waar je allerlei leuke dingen kan doen, zoals in een hutje aan het meer zitten en bbq’en. Dat is wat Tsjetsjeense families doen. In het hotel ontmoeten we een Russisch team van professionele endurorijders, die aan Redbull-wedstrijden meedoen. Ze komen uit de Krim en zijn zwaar getraind. Ze zitten bekaf aan tafel. Om op te kikkeren drinken ze Hoegaerdenbier. In Tsjetsjenië, of all places.
Frank moet er sleutelen aan zijn motor, waarvan de beschermkast voor de ketting is gebroken. In Grozny laat hij ze lassen, nu moet ze er terug op.
Woest en streng
De volgende ochtend beginnen we aan een rit door Dagestan, de grootste van de Russische deelrepublieken in de Kaukasus. Op onverharde wegen rijden we pas na pas over. Wat een woest land. Strenger islamitisch dan Tsjetsjenië ook. Het was hier dat zich tot 15 jaar geleden heel wat moslimextremisten en -terroristen ophielden. Soms, als je een dorp binnen rijdt, zie je een bord met kledingvoorschriften die moeten in acht worden genomen als je een moskee binnenstapt. En in hoge nood plassen in een gracht naast de rijweg mag ook al niet. Je kiest beter een bos uit zo groot als het Zoniënwoud, want als je tijdens een volle aflaat wordt gezien, krijg je een Dagestaanse bolwassing van een man met een baard, die je nog het liefst een kopje kleiner zou maken. Streng, hoor.
Onderweg krijgt onze gids Alexander plots een spraakbericht op zijn telefoon. Het is van de oudere vrouw van het eerste pensionnetje waar we in Rusland sliepen. Ze maakt zich ernstig zorgen over wat overbodige Georgische muntstukken die Frank in de kamer heeft achtergelaten. “Hebben die jongens dat geld niet nodig? En hoe krijg ik het tot bij jullie?”, vraagt het moederke zich bezorgd af. Goede mensen zijn gelukkig nog in de meerderheid op deze aardbol. Alexander stelt haar gerust: “Het is kuisgeld.”
We eindigen de dag redelijk bekaf in Chokh, een oeroud bergdorp op 1.500 m, in een guesthouse dat pas is geopend. Waarschijnlijk ook het enige guesthouse in Chokh. Het heeft een terras met een reusachtige samovar, die rookt als een schouw. Vanaf dit uitzichtpunt kijken we uit over half Dagestan. Daar zitten we ‘s avonds thee te drinken en naar een sikkelmaan te kijken die langzaam achter de bergen wegzinkt en naar het uitspansel dat zich na de donkerte van de avond ontvouwt. Op het gehuil van een jakhals na is het bladstil. Vanop onze hoge uitkijkpost op het terras lijkt de wereld peis en vree.
Canyon
We zijn vroeg weer op en na een dag rijden over vlekkeloos asfalt komen we laat in de namiddag aan in Dubki, een oord aan een groot stuwmeer. Ons hotel is een gebouw dat aan een oude legerkazerne doet denken en het enige wat er beweegt is een koe die aan de voordeur voorbij wandelt en belangstellend naar binnen kijkt. Ik meld wat later aan het thuisfront dat hier geen fluit te zien is, wanneer Alexander belt en zegt dat we nog even naar een canyon moeten gaan kijken, 300 meter van ons hotel.
“Pfff”, denk ik, “een canyonetje meer of minder vandaag, daarop steekt het niet.”
Nou moe! Na amper een kwartiertje wandelen stuiten we op een immens diepe kloof waar de Gorges du Verdon in Frankrijk vijftig keer in kan. Dit lijkt wel een stuk van de Grand Canyon, met diep beneden ons de turquoise Sulak Rivier en het gelijknamige stuwmeer.
Vanaf de rand van de canyon steekt een stuk rots over de ravijn uit. Ik word op weg er naartoe voorbij gestoken door een Dagestaanse sportman die op teensletsen de helling er naartoe afloopt, over rotsen naar het uitstekende stuk klautert en op het uiterste puntje poseert voor een foto. Het uitzicht vanop dit punt is onrealistisch mooi. En letterlijk adembenemend. En dat wij daar in de rest Europa allemaal niks van weten …
Bij valavond gaan we terug naar ons hotel en maken we ons klaar voor een 580 km lange tocht over de steppe van Kalmukkië, die we – gezien de heersende temperaturen daar – bij het ochtendgloren willen aanvangen.
Er is veel dat we eigenlijk niet weten over Oost-Europa. Heerlijk om dit te lezen.
Aardrijkskunde die ook eens mag onderwezen worden in het Middelbaar.
“Teensletsen” 😂 zalig woord. Ik hoor hem al sletsen over de rotsen. 🤣
Wat een genot om jullie reisverslag te lezen, nooit gespeend van enige humor! 🙂
Europa lijkt me plotsklaps veel groter dan ik vermoedde!
Voilà, na de “uitschuiver” Grozny weer terug naar … Hoe zal ik het zeggen?… het mooie van deze aardbol!
Opnieuw toffe lectuur (het verhaaltje met de achtergelaten centjes) en heel mooie foto’s (de prachtige zonsondergang en de akelig diepe canyon).
Een fijne afsluiter van “de Antwerpse moederkesdag”!
Tot de volgende zitting 😊
Voor mij een Samovar graag, mag tweedehands zijn. 😉
Hey Marc en Frank,
Goed bezig … Een tijdelijk baardje overwogen?
Moet frustrerend zijn als globetrotter om niet te mogen plassen in de vrije natuur. Die koe daar zal zich er wat van aantrekken …
Ik geniet van jullie verhalen.
Succes!